15 juni


Het tijdperk van Jerobeam II in Israël

In de volgende zestig jaar zullen de koninkrijken van Israël en Juda hun geestelijk verval voortzetten. Het lijkt erop dat niets hun snelle vlucht naar rampspoed kan afwenden – dat geldt met name voor Israël, dat nog steeds een liefdesrelatie met Baäl en andere afgoderij heeft. In het zuiden wordt door Amazia weliswaar goed geregeerd, maar er worden ook door hem afgoden vereerd na zijn terugkeer van succesvolle militaire campagnes tegen de Edomieten.
Onder het leiderschap van Jerobeam II zal Israël zich verheugen over grote militaire successen en de daaruit voortvloeiende welvaart. Maar tijdens Jerobeams heerschappij zullen tenminste drie profeten zich uitspreken tegen het toegenomen geestelijke en morele verval. Jona zal door God als een bijzondere gezant naar de Assyriërs in Ninevé gezonden worden, Hosea zal het probleem van de afgoderij in Israël aanvallen en Amos zal zich uitspreken tegen religieus formalisme en sociaal onrecht. Het wordt steeds duidelijker dat Gods geduld op raakt en dat een gevangenschap voor het volk van Israël in het verschiet ligt.
Een zeker voorval in deze periode vindt plaats bij Elisa's graftombe en blijkt een nogal humoristische gebeurtenis te zijn – tenminste voor mensen die er niet zelf bij betrokken waren! De onderliggende, serieuze boodschap van deze gebeurtenis heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat Elisa's profetie over een overwinning op de Syriërs spoedig vervuld zal worden en dat een dode natie weer tot leven zal worden gewekt.


In Juda

2 Kon. 12:21b, 14:1,2, 2 Kron. 24:27b, 25:1 - Jeruzalem
AMAZIA KONING VAN JUDA. Zijn zoon Amazia volgde hem op als koning. In het tweede regeringsjaar van koning Joas van Israël kwam koning Amazia in Juda aan het bewind. Amazia was op dat moment 25 jaar en bleef 29 jaar aan de regering. Zijn moeder heette Joaddan en was een geboren Jeruzalemse.

2 Kon. 14:3-6, 2 Kron. 25:2-4
AMAZIA'S KARAKTER. Hij was een goede koning in de ogen van de HERE, hoewel niet zo goed als zijn voorvader David; maar zijn vader Joas evenaarde hij wel. Ook hij haalde echter de offerplaatsen op de heuvels niet weg, dus bleven de mensen daar hun offers en reukwerk verbranden.
Zodra hij de macht stevig in handen had, liet hij de moordenaars van zijn vader doden. Hun kinderen doodde hij niet, omdat de HERE in de wet van Mozes had verboden dat vaders voor hun kinderen moesten sterven of kinderen met hun leven moesten boeten voor de zonden van hun vaders. Ieder is verantwoordelijk voor zijn eigen zonden.

In Israël

2 Kon. 13:20b,21
VERRASSING IN ELISA'S GRAF. In die tijd gebeurde het nogal eens dat Moabitische bandieten in de lente invallen in Israël deden. Op een keer zagen enkele mannen die net een vriend aan het begraven waren, een bende bandieten naderen en in hun haast om weg te komen, gooiden zij het lijk in de graftombe van Elisa. Zodra het lijk in aanraking kwam met de beenderen van Elisa, kwam de dode man weer tot leven en sprong overeind!

2 Kon. 13:22-25
SUCCES TEGEN SYRIERS. Israël had tijdens het hele bewind van koning Joahaz te lijden gehad van voortdurende aanvallen van koning Hazaël van Syrië. De HERE toonde echter genade voor de Israëlieten, zodat zij niet volledig werden vernietigd. God had medelijden met hen en hield zich ook nog steeds aan Zijn verbond met Abraham, Isaäk en Jakob. En dat is tot nu toe nog steeds zo.
Koning Hazaël van Syrië stierf en zijn zoon Benhadad volgde hem op. Koning Joas van Israël, de zoon van Joahaz, had driemaal succes bij de herovering van de steden, die zijn vader aan Benhadad had verloren.

In Juda

2 Kron. 25:5
AMAZIA BEREIDT CAMPAGNE TEGEN EDOM VOOR. Amazia ging ook over tot een reorganisatie van het leger en wees legerofficieren aan voor elke familie uit Juda en Benjamin. Daarna hield hij een telling en kwam tot de slotsom dat hij kon beschikken over 300.000 mannen van twintig jaar en ouder. Deze waren allemaal goed geoefend en konden uitstekend overweg met de speer en het grote schild.

2 Kron. 25:6-10
HUURLINGEN NAAR HUIS GESTUURD. Tevens trok hij ongeveer 3000 kilo zilver uit om 100.000 ervaren huurlingen uit Israël te werven.
Maar toen kwam een profeet met de volgende boodschap van de HERE: "Koning, huur geen troepen uit Israël, want de HERE is niet van plan hen te helpen; nee, niemand uit Efraïm zal Hij helpen. Als u hen toch met uw troepen de oorlog laat ingaan, zult u worden verslagen, ongeacht de kwaliteit en moed van uw manschappen. God heeft de macht om te helpen en om te laten mislukken."
"Maar het geld dan?" protesteerde Amazia. "Dat ben ik dan ook kwijt."
Waarop de profeet antwoordde: "De HERE kan u veel meer geven dan dat."
Amazia stuurde tenslotte de huurlingen terug naar Efraïm. Die waren erg kwaad op Juda en gingen woedend naar huis.

2 Kon. 14:7, 2 Kron. 25:11,12
EDOMIETEN VERNIETIGD. Amazia zette daarna echter door, leidde zijn leger naar het Zoutdal en doodde daar 10.000 man uit het gebergte Seïr. Nog eens 10.000 mannen werden gevangen genomen, naar de rand van een afgrond gebracht en naar beneden gegooid, waar zij te pletter vielen.

2 Kron. 25:13
HUURLINGEN RICHTEN RAVAGE AAN. Ondertussen overvielen de Israëlitische troepen die door Amazia naar huis waren gestuurd, enkele steden van Juda in de buurt van Beth-Horon. Zij kwamen vanuit Samaria, doodden bij hun aktie 3000 burgers en wisten een grote buit te bemachtigen.

2 Kron. 25:14-16
AMAZIA ZET AFGODEN OP. Na de Edomieten te hebben verslagen, keerde koning Amazia terug. Hij had de afgodsbeelden die waren buitgemaakt op de mensen uit het gebergte van Seïr meegenomen en zette die neer als goden. Hij boog voor hen en verbrandde er zelfs reukwerk voor. De HERE was toornig en stuurde een profeet met de vraag: "Waarom aanbidt u uitgerekend goden die niet eens in staat waren hun eigen volk tegen u te beschermen?"
"Heb ik u soms om advies gevraagd?" zei de koning op hoge toon. "Houd uw mond, anders laat ik u doden!"
De profeet ging weg, maar niet zonder een laatste waarschuwing te uiten: "Ik weet dat God heeft besloten u te vernietigen, omdat u deze afgoden vereert en niet naar mijn raad hebt geluisterd."

2 Kon. 14:8-14, 2 Kron. 25:17-24
JUDA DOOR ISRAEL VERSLAGEN. Koning Amazia van Juda pleegde overleg met zijn raadgevers en liet aan koning Joas van Israël, de zoon van Joahaz, de kleinzoon van Jehu, zeggen: "Kom, laten we elkaar ontmoeten en zien wie van ons de sterkste is."
Koning Joas beantwoordde zijn uitdaging met een parabel: "In de bergen van de Libanon eiste een distel van een ceder: 'Laat uw dochter trouwen met mijn zoon!' Op dat moment kwam een wild dier voorbij en trapte op de distel. U bent natuurlijk erg trots op uw overwinning op Edom, maar ik raad u aan rustig thuis te blijven en geen ruzie met mij te zoeken. Wat hebt u eraan als u en heel Juda ten val komen?"
Maar Amazia wilde niet luisteren omdat God van plan was hem te vernietigen om zijn verering van de afgoden van Edom. Toen trok ook Joas op en de legers ontmoetten elkaar bij Beth- Sémes in Juda. Juda leed de nederlaag. Het hele leger vluchtte naar huis. Koning Joas van Israël slaagde erin koning Amazia van Juda gevangen te nemen en hij bracht hem naar Jeruzalem. Daarna gaf koning Joas bevel dat honderd meter stadsmuur van Jeruzalem moest worden afgebroken. Het was het stuk tussen de Efraïmpoort en de Hoekpoort. Al het goud en zilver en alle schalen uit de tempel, die onder het beheer waren van Obed-Edom, en alle schatten in het paleis haalde hij weg en hij nam gijzelaars mee terug naar Samaria.

In Israël

2 Kon. 13:12,13a, 2 Kon. 14:15,16a (782 v.C.)
JOAS STERFT. De rest van de geschiedenis van Joas en zijn oorlog tegen koning Amazia van Juda staan beschreven in de Kronieken van de koningen van Israël. Na zijn dood werd Joas bij de andere koningen van Israël in Samaria begraven.

2 Kon. 13:13b,23a, 2 Kon. 14:16b,23b (781 v.C.)
JEROBEAM II HEERST ALLEEN. Zijn zoon Jerobeam volgde hem op. Dat gebeurde in het vijftiende regeringsjaar van koning Amazia van Juda. Jerobeam bleef 41 jaar over Israël regeren.

2 Kon. 14:24
JEROBEAMS KARAKTER. Maar hij was al net zo goddeloos als Jerobeam de Eerste, de zoon van Nebat, die Israël had aangevoerd bij het zondigen door afgodsbeelden te vereren.

Download (Het Boek)
Download (Statenvertaling)

De chronologische Bijbel -- juni



Met dank aan Biblica en Harvest House Publishers. Nadruk en reproductie verboden.
Voor meer details, lees alsjeblieft onze copyrightvoorwaarden



WAT DENK JIJ? - Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen. Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: "Jezus is Heer", dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.

Wat is jouw antwoord?

Ja, vandaag heb ik besloten om Jezus te volgen

Ja, ik ben al een volgeling van Jezus

Ik heb nog steeds vragen